|
Fulpmes / Stubaital
van
3 juni tem 11 juni 2007.
Schönberg, Mieders, Telfes, Fulpmes en
Neustift; gemeenzaam vormen deze vijf typische tirolerdorpen één van
de mooiste vakantieregio's van Oostenrijk, nml "het Stubaital".
Even ten zuiden van Innsbruck opent zich voor de bezoekers een
wildromantisch hoogdal. Reeds aan het begin van het Stubaital worden
we begroet door een machtig kalkmassief, door weides die er uitzien
als een bloementapijt en door diepgroene bossen. Op het einde van het
dal glinsteren de gletschers in de zomerzon. Hier gaat ieders hart
sneller slaan.
Het Stubaital is een must voor
wandelaars en mountainbikers, zeer goed uitgestippende routes leiden je door de
prachtige bergwereld van de Stubaier Alpen. Onderweg nodigen de
almhutten je uit voor het nuttigen van de Stubaier specialiteiten of
om te genieten van de absolute rust en de prachtige natuur.
Fulpmes zal ons vakantiedorp zijn en de
aanwezigheid van het wandelparadijs van Schlick 2000 is daar niet
vreemd aan. Het prachtige Ferienhotel Stubaierhof **** zal onze thuis
zijn van 3 juni tem 11 juni.
Zondag
3 juni 2007: Heenreis, kennismaking met het "Ort Fulpmes" en
ons hotel Stubaierhof.
Het
is een zondag in juni, het is nog vroeg, niet echt zomers en de som
van dit alles is dat er weinig of geen verkeer is op onze rit richting
Fulpmes/Stubaital/Tirol. Wij rijden zoals gewoonlijk over Koblenz -
Karlsruhe - Stuttgart - Kempten - Reutte - Fernpaß - Innsbruck -
Stubaital. Rina en ik nemen een koffiepauze aan "Rasthof
Moselblick" na ca. 200km en een eet- en vignettepauze in "Rasthof
Illertal" na 600km. Alleen aan de grensovergang
Duitsland/Oostenrijk is de GPS even de "kluts" kwijt omdat
deze wegen blijkbaar nog niet in het geheugen zitten. Ik ben niet
alleen met dit probleem want er stoppen nog verschillende wagens om
rechtsomkeer te maken: allemaal GPS-toeristen. Zulke dingen kunnen
gebeuren en ik ben daar natuurlijk op voorzien: wegenkaart even boven
gehaald en op een wip zitten we in de juiste richting.
In
Fulpmes heb ik meer moeite om ons hotel Stubaierhof te vinden dan om
Fulpmes te vinden in Oostenrijk. Fulpmes is één bouwwerf; zowel wat
vernieuwingen aan hotels betreft, het bouwen van nieuwe hotels en
wegeniswerken midden in het centrum. Ook ons hotel lijkt aan de
hoofdingang meer op een opslagplaats van bouwmaterialen dan op een
hotel. Vanbinnen is er gelukkig niets van te merken. Rina en ik hadden
ons via internet natuurlijk al een beeld kunnen vormen van Hotel
Stubaierhof maar in werkelijkheid overtreft het toch nog onze
verwachtingen in de positieve zin. Na een opfrisbeurt is het tijd voor
het dagelijks vieruurtje; lekker en in de dagprijs inbegrepen.




Rina
en ik verkennen een klein beetje het dorp Fulpmes, gelegen op ca.
950m. Wat ons opvalt is dat er hier bijna evenveel wegen zijn als
huizen en dat alle wegen tot tegen de gevels uitgebouwd zijn, op het
eerste zicht is dit meer een doolhof dan een dorpskern. Opvallend ook
dat heel veel huizen voorzien zijn van muurschilderingen. Natuurlijk
brengen we ook nog een bezoek aan de mooie kerk van de Heilige Vitus,
gebouwd in barokstijl door de bekende 'Kirchenbaumeister" Franz
de Paula Penz. Fulpmes heeft ook een moskee en dat is niet
verwonderlijk want van de 4000 inwoners hebben er 700 de "nichtösterreichischer
Staatsbürgerschaft".



Ook
het avondmaal overtreft onze verwachtingen: saladebuffet, voorgerecht,
soep, hoofdschotel, dessert en om te eindigen een klein kaasbuffet.
Dat laatste hebben we zien staan maar de hele week onaangeroerd
gelaten, genoeg is genoeg. Het hotel viel ons al 100% mee, de keuken
wel 200%. Toch benieuwd hoe het "Frühstücksbuffet" er gaat
uitzien.
Om
al dat lekkers wat te laten zakken wandelen Rina en ik via de
wandelweg naar het dalstation van Schlick2000, een pittig stukje
bergop, en terug. Onze eerste dag zit er op.
Maandag
4 juni 2007. Wandeling in Neustift: Bergstation Elferlift,
Elferhütte, Panoramaweg, Pinnistal,
Omdat
Rina en ik de hele week gebruik willen maken van de liften en van het
openbaar vervoer halen we ons eerst de Stubai Card op de Toeristische
dienst van Fulpmes, prijs 46€. Hiermee kunnen we in vijf
opeenvolgende dagen gebruik maken van alle liften in het Stubaital,
gebruik maken van de Stubaitalbahn en van het openbaar vervoer.
Omdat
we de werkwijze en de uren van de bussen nog niet zo goed kennen nemen
we vandaag de auto tot het dalstation van de Elferlift in Neustift
(981m). In een gondel van max. 8 personen gaat het naar het
bergstation (1793m). Hier hebben we een mooi uitzicht op Stubaital en
zien we ons volgend doel ook liggen, nml de Elferhütte (2080m). Van
het bergstation loopt er een vrij steil en smal pad naar de
Elferhütte en dit in verschillende "Kehren". De aangegeven
tijd is 40', Rina en ik doen over dit hoogteverschil van ca. 300m
30'.





Vanaf
de Elferhütte hebben we verschillende mogelijkheden. Wij kiezen
ervoor om de Panoramaweg te doen naar de Pinnisalm. Het eerste
gedeelte vanaf de Elferhütte loopt nog en stuk omhoog en vanaf dan
gaat het op en neer via een smal pad op de zijkant van de berg. Vanaf
de splitsing met het wandelpad naar de Karalm daalt het smalle pad
door het bos naar het Pinnistal. Het laatste stuk is erg steil en hier
zien we voor het eerst de Pinnisalm (1560m). Tot deze hut hebben we
ca. 400m geklommen en ca. 600m gedaald.




In
de Pinnisalm staan "Pommes" op de menukaart, wij Belgen
kunnen het niet laten, dus toch. Vanaf hier gaat het ligt dalend door
het Pinnistal richting Neder. Eerst komen we aan het Jausenstation
Issenangeralm (1380m) in 40' wandelen en vlakbij ligt de mooi
ingerichte Herzebner Almwirt (1338m). De eerste alm doen we aan om een
dessert te nemen en de tweede doen we aan om even te schuilen voor een
mogelijk opkomend onweer want in de verte horen we gedonder. Vanaf
deze alm is het nog 40' tot Neder en dan nog 20' over de Wiesenweg tot
het dalstation in Neustift. In totaal zijn we 6 uur onderweg geweest
waarvan 4,5 uur gewandeld en in het totaal een hoogteverschil van ca.
1300m gedaan. Als eerste wandeldag kan dit zeker tellen.






Dinsdag
5 juni 2007. Met de Stubaitalbahn naar Innsbruck
Vandaag
nemen Rina en ik de Stubaitalbahn naar Innsbruck. Dit bergtreintje
start in Fulpmes om 9h23' en stopt midden in de stad Innsbruck om
10h25, afstand 18km. Wat in Fulpmes nog een bergtreintje is wordt in
Innsbruck gebruikt als tram. Deze uitstap is ook opgenomen in de
Stubai Card en leuk om eventueel volgend jaar met de groep te doen. In
Innsbruck verkennen Rina en ik zowel de Altstadt als het nieuwe
winkelcentrum in de Marie-Theresien-Straße. Om 13h30 nemen we
tram/trein terug en om 15h zijn we terug in het hotel. Dit vinden we
beiden vermoeiender dan de hele dag in de bergen te wandelen.







Woensdag
6 juni 2007. Wandeling Mieders Koppeneck - Maria Waldrast - Matreier
Ochsenalm - Ochsenhütte.
Vandaag
staat de wandeling naar het hoogst gelegen klooster in Oostenrijk op
het programma, nlm het klooster Maria Waldrast. Rina en ik rijden met
het openbaar vervoer naar het dalstation van de Serlesbahnen in
Mieders (953m). Met de gondellift komen we aan het Bergstation
Koppeneck (1680m) waar we onze wandeling starten naar het klooster in
Matrei am Brenner (1638m). Aangegeven in 1h doen we deze mooie
wandeling via de kruiswegkapelletjes in goed 50'. Natuurlijk brengen
we ook hier een bezoek aan de kloosterkapel en de kloosterkerk en worden ook
nu weer kaarsjes aangestoken.










Op
15' wandelen van het klooster ligt de nieuwe Matreier Ochsenalm
(1561m). Onze bedoeling was om eens te kijken naar de oude en nieuwe
alm en maar goed dat we dit initiatief genomen hebben. De oude alm is
reeds twee jaar afgebroken maar wat we in de plaats krijgen is niet te
beschrijven en niet weer te geven in een paar foto's. Het uitzicht dat
we hier krijgen hebben wij zelden gezien en heeft een heel grote
indruk op ons gemaakt, nog nooit hebben wij zo graag op een terras aan
een alm gezeten als hier. Wij hebben zicht op bergen die hun laatste
sneeuw verliezen, hier zijn mooie glooiingen voorzien van hoge en lage
dennen in verschillende kleur, hier zijn weilanden met paarden, koeien
en schapen, .......





Ook
aan een sprookje komt een einde en we wandelen voldaan via het
Klooster Maria Waldrast terug richting het bergstation. Omdat we nog
niet zoveel gewandeld hebben besluiten we om nog een omweg te maken
via de Ochsenhütte (1582m) op zo'n uur wandelen van het klooster. Van
de Ochsenhütte tot het bergstation is het dan nog goed een kwartier
wandelen. Ook de Ochsenhütte is de moeite, niet zo zeer omwille van
de omgeving maar wel voor de hut. deze hut heeft de "toog"
aan de buitenkant staan zodat de "Hüttenwirt" alles kort
bij heeft en alles goed kan overzien. Best gezellig hier. Maar ook
hier kunnen we niet lang blijven want we moeten de lift en de bus nog
nemen om op tijd in Fulpmes te geraken.





Donderdag
7 juni 2007. Fronleichnam en bezoek aan de Stubaiergletscher.
Vandaag
is het “Fronleichnam” in Fulpmes, bij ons is dat sacramentsdag. Deze
kerkelijke hoogdag valt de 2de donderdag na Pinksteren of 61 dagen na Pasen.
Dat
deze hoogdag nog leeft in het katholieke Oostenrijk hebben we geweten.
Om 4h30 ’s morgens worden er in heel het dal kanonschoten afgevuurd
en die van Fulpmes lijken wel van onder ons balkon te komen. Die hier
niet van wakker is geworden hebben ze waarschijnlijk drie dagen later
begraven. Als we niet ingelicht waren van het hotel dachten we zeker
dat de oorlog opnieuw was uitgebroken. Dit kabaal duurt zo’n half
uur. Om 5 uur vertrekt al spelend de “Musikkapelle” aan ons hotel
en zij stoppen aan elke café waar drank buiten staat opgesteld.
Om
8 uur is de “Heilige Messe” en daarna trekt de processie door het
dorp. Eerst de “Musikkapelle”, dan de communiekanten, dan de heren
in klederdracht, dan de vrouwen in klederdracht, de priester met de
“Monstranz”, de beelddragers, de vlaggendragers en als laatste
“het voetvolk”. Dit zijn de overige inwoners en/of toeristen die
geen klederdracht dragen.
Bij
ons in het dorp krijgen ze dit NOOIT meer klaar maar laat de
Oostenrijkers deze traditie maar in ere houden want “het heeft wel
iets”.


Voor
Rina en mij wordt het vandaag een rustige dag: om 9h10 met de bus naar
Mutterbergalm (1720m), het dalstation van de Stubaier Gletscher. Ook
in Neustift moeten we met de bus aan de kant voor de processie; op
zo’n dag telt de uurregeling van de bus niet.
In
deze periode van het jaar is alleen Gondelbahn Gamsgarten I en II open. Rina en ik
“bahnen” tot boven de 2600m en wandelen er even tot op de sneeuw
maar met deze temperatuur van 8° C. zal die er niet lang meer liggen.
En zeggen dat begin van de week het nog -10°C was. Op de
“Talfahrt” stappen we even uit in het tussenstation “Fernau”
(2300m) en wandelen naar de gesloten Dresdner Hütte (2302m).




Omdat
het voor het openbaar vervoer ook zondag is zorgen we dat we tegen 12h
beneden zijn want anders moeten we nog twee uur wachten op de volgende
bus.
Rina en ik willen toch nog iets wandelen en daarom stappen we uit
in Medraz, een parochie van Fulpmes, en kuieren zo via de
Franz-Senn-Weg terug naar ons hotel.


Vrijdag
8 juni 2007. Wandeling Bergstation Schlick2000 - Sennjoch Hütte -
Starkenburgerhütte
Vandaag
is het onze vijfde en laatste dag van de Stubai Card, de liften van
Schlick2000 zijn gisteren geopend, het is prachtig wandelweer: dus
vandaag willen Rina en ik naar de Starkenburger Hütte en dit via de
Sennjoch Hütte.
We
nemen de Kreuzjochbahn in Fulpmes van het “Talstation” (1000m)
naar het “Bergstation” (2136m) via het “Mittelstation Froneben”
(1351m). Om 9h40’ starten we onze wandeling, gekenmerkt met een rode
punt, naar de Sennjoch Hütte (2190m). Al vlug is duidelijk waarom
deze wandeling met een rode punt gekenmerkt is want het is een vrij
smal pad met aan ene zijde de berg en aan de andere kant een redelijk
“verdiep”. Iemand met hoogtevrees moet hier niet aan beginnen. In
het eerste gedeelte tot de Sennjoch Hütte zit maar één stevige helling
en na goed 40’, weer binnen de aangegeven tijd, komen we bij de hut.
De uitzichten zijn hier al zo mooi als de hut zelf en de bediening
moet ook niet onder doen voor de rest, dit zowel wat de schoonheid
betreft als de vriendelijkheid. Op onze terugweg moeten we hier zeker
nog eens “einkehren”.





Om
10h45’ trekken we verder naar de Starkenburger Hütte. Al vlug is
duidelijk dat dit niets is om met de groep te doen. Het is steeds op
en af, het blijft heel smal maar Rina en ik genieten volop van de
uitzichten en van de flora, opvallend aanwezig in dit gebied.









Om
12h bereiken we de Starkenburger Hütte (2229m). Het verschil in
hoogte met de Sennjoch Hütte is maar 39m maar daar hebben we onderweg
niets van gemerkt. We laten ons de prachtige uitzichten vanaf de
Starkenburger Hütte en het eten in de hut welgevallen: Rina haar
“Frankfurter Würsten” en ik mijn “Kaiserschmarrn”. In elke
hut boven de 2000m koop ik een “pin” voor op de "Tirolerhut”
en dat doe ik nu dus ook.
Om
12h45' vatten Rina en ik de terugweg aan en dit langs hetzelfde
pad. We willen namelijk nog terug naar de Sennjoch Hütte en ik moet
nog het een en ander regelen met de “chef” van het
Panoramarestaurant Kreuzjoch.
Na
goed een kwartier wandelen gaat het goed fout. We komen op een passage
(zie onderstaande foto) waar er geen pad meer is maar enkel een grote
hoop losse steentjes die naar beneden zijn gekomen bij het
langswandelen van
onze voorgangers. Ik geraak nog aan de overkant van de hoop maar Rina
glijdt uit en schuift een stukje naar beneden. Meteen begint ze roepen
dat haar laatste uur is geslagen en dat ik haar niet moet rechttrekken
want dan gaan we beiden naar beneden. Uiterlijk blijf ik kalm, steek
mijn stokken vast en kruip heel stil terug naar Rina, een afstand van
4 à 5 meter maar het lijken er wel honderd. Bij elke stap die ik zet
blijven er nieuwe steentjes naar beneden komen. Ik krijg Rina terug
recht en nu hebben we de keuze: ofwel mijn stokken laten steken aan de
overkant en terug naar de Starkenburger Hütte en via een grote omweg
naar Fulpmes ofwel ons terug een weg banen door de steentjes. Rina wil
de eerste oplossing, ik de tweede. Niet om het verlies van mijn stokken
maar omdat we anders zolang onderweg gaan zijn dat ik
vermoed dat dit onze vakantie geen goed zal doen.

Langzaamaan
begin ik de losse steentjes cm per cm naar beneden te duwen tot er van
boven geen meer meekomen. Hoelang ik hier mee bezig ben geweest weet
ik niet meer maar uiteindelijk raken we beiden door deze moeilijke
passage. Ik praat nog wat in op Rina dat het allemaal nog vrij goed is
meegevallen, dat het lang niet zo gevaarlijk was als zij dacht en
stilaan begint ze er zelf grappen over te maken.



Tijdens
onze pauze aan de Sennjoch Hütte zien we nog welgeteld één persoon
over de berg komen; ofwel is het pad open gebleven ofwel komt hij van
de top van de Hoher Burgstall. Aan het bergrestaurant maak ik nog wat nodige afspraken
met de chef Hans-Peter
Mußbacher en “bahnen” terug naar beneden.
Eigenlijk hebben we een prachtige wandeldag achter de rug en gelukkig
hebben we dat ander draaiboek niet nodig gehad.
Zaterdag
9 juni 2007. Wandeling Middenstation Schlick2000 - Galtalm - Vergör -
Fulpmes
Vandaag
is het de eerste dag dat we geen gebruik meer kunnen maken van de
Stubai Card. Normaal zouden we een bezoek brengen aan de Gilfenklamm in
Stange / Ratsching (Le cascade di Stanghe) en aan Brixen maar
het is zo mooi weer dat we besluiten om een alternatieve wandeling te
doen die in 2008 ook door de groep kan gedaan worden. We nemen de
gondelbaan in Fulpmes tot het tussenstation Froneben (1350m). Nu nog
een keuze maken: ofwel alleen bergaf via Jausenstation Vergör (1266m)
terug naar Fulpmes ofwel eerst bergop tot aan de Galtalm (1634m) en
dan dalend via Jausenstation Vergör terug naar Fulpmes.
We
hebben de tijd en de “goesting” om er weer een mooie wandeldag van
te maken en daarom kiezen we voor de wandeling naar de Galtalm. We
wandelen via een “Frostweg” steeds bergop en in de blakende zon in
goed één uur tot aan de Galtalm. Eerste pauze want Rina en een
stekende zon dat gaat niet samen. Ook hier is het goed
vertoeven.



Tijd
voor deel twee van onze wandeling. Vanaf de Galtalm gaat het via een
steil bospad naar het Jausenstation Vergör. Nu hebben we gedurende
het volledige traject schaduw en Rina ziet het weer helemaal zitten.
Op dit stuk komen we welgeteld één wandelaarster met een hond tegen en
dat is niet verwonderlijk. Als je in 45 minuten 368m moet overbruggen
dan weet je dat het steil is, voor ons gelukkig in dalende lijn. Het
ontvangst in Jausenstation Vergör is hartelijk en al vlug knoop ik
een gesprek aan met “chef Christian” die in een vorig leven nog in de
keuken van ons Hotel Stubaierhof heeft gewerkt. Het ijs is gebroken en
al vlug resulteert dit in wat afspraken voor 2008.

Van
hieruit wandelen Rina en ik via een “Frostweg”, in de winter ook
als “Rodelbahn” gebruikt, in goed een uur tot aan het hotel waar
we net op tijd zijn voor “Café und Kuchen”. Deze wandeling is
zeker een aanrader voor de groep en als Christian zijn woord houdt
kunnen we er ook nog een paar uren genieten van het “Frühschoppen”.


Zondag
10 juni 2007. Wandeling Sulzenaualm - Sulzenau Hütte - Blaue Lacke
Onze
laatste dag in het Stubaital breekt aan. Op zich vinden Rina en ik dat
niet zo erg want elk einde is ook weer het begin van iets nieuws.
Vandaag
staat de Sulzenau Alm in Ranalt op het programma en als het enigszins
kan doen we ook nog de Sulzenau Hütte. Rina en ik rijden met de auto tot aan de parking
voorbij de Grawa Alm (1534m). We wandelen over de brug
(1550m) van de Ruetz en meteen gaat het bospad behoorlijk omhaag.
Gelukkig hebben we weer schaduw en hoe hoger we wandelen hoe mooier
het uitzicht op de Grawa Alm en het dal. Na goed 30’ stijgen
komen we uit het bos en wandelen we steeds stijgend langs de
Sulzaubach op. Zien doen we niet veel van de rivier maar horen des te
meer want vorige week lag hier nog veel sneeuw en het smeltwater stort zich
met grote snelheid in de Ruetz.





Na
goed 45’ komen we op een heel vlak plateau waar zich enkel de
Sulzenau Alm (1847m) bevindt. Dit is zo mooi dat we over het vlakke
gedeelte bijna zo lang gelopen hebben dan over de klim. De meeste
wandelaars lopen de alm voorbij maar dat kunnen wij niet over ons hart
krijgen. Hier is zoveel te zien: alle stoelruggen zijn gemaakt uit
houtsnijwerk, een luik geeft de toiletten aan, het handvat van het
poortje is de pijp van een oude man, ook de tafel van het
stempelkussen is pure houtsnijkunst en in een sprookjeshuisje zit er
iemand de kost te verdienen.







Rina
en ik zijn nog alleen en dan kan ik het niet laten om contact te
zoeken met de eigenaars. Blijkt dat ook zij deze klim moeten maken om
aan de alm te geraken en dat alle materialen met een kleine
goederenlift tot daar gebracht worden. Zij zijn hier vanaf eind mei en
blijven naargelang de komst van de winter tot ca. half september. Als
zij hoort dat we uit België komen laat de “Wirtin” ons weten dat
haar dochter getrouwd is in Vosselaar. Wat is de wereld toch klein.
Wie kunnen we nog beter vragen of de klim naar de Sulzenau Hütte
(2191m) ook te doen is voor ons. Wie aan de Alm geraakt kan ook de Hütte
bereiken., dus …… wij gaan er voor. Via een smal oneffen stenen
pad gaat het in ontelbare haarspeldbochten naar boven. Steeds hebben
we zicht op de Sulzenau Hütte maar ze lijkt niet korterbij te komen
maar de Sulzenau Alm wordt steeds kleiner. De beklimming van de Elferhütte
en de Starkenburger Hütte is maar klein bier in vergelijking waar we
nu mee bezig zijn. Ook de vergelijking van het eerste gedeelte tot aan
de Sulzenau Alm gaat niet op want dit is een stuk zwaarder. Maar elk
pad heeft een begin en een einde en dit einde ligt op een uur van het
begin en of Rina en ik tevreden zijn dat we het gehaald hebben. Hier
staan weer “Pommes” op het menu en nog nooit hebben
diepvriesfrieten mij zo goed gesmaakt.




Pächter
Norbert Schöpf kan ons
zelfs overtuigen om nog verder, maar ook hoger, te gaan naar de Blaue
Lacke (2289m) om ook daar te genieten van de mooie uitzichten op het meertje en
op de Sulzenauferner (ca. 2830m). Ook hier zijn we de enige tweebenige
maar vierpotige zijn er genoeg want hier lopen nogal wat geiten en
schapen rond.



Dit
is voor ons echt het einde want we moeten nog 2h20’ en ca. 750m naar
beneden via hetzelfde pad en nu weten we wel wat ons te wachten staat.

Dit
was zo’n wandeling die Rina en ik altijd hebben willen doen maar
nooit gedacht dat we dit nog konden realiseren. Maar goed dat ik niet
ALLES op voorhand weet want dan zouden we deze prachtige dag nooit in
deze vorm beleefd hebben.
Maandag
11 juni 2007. Terugreis
Omdat
het laatste stuk op de heenreis van Reutte over de Fernpaß zo
lang geduurd heeft beslissen we om via Innsbruck, Kufstein,
Rosenheim, München, Stuttgart naar huis te rijden. Wij rijden nu wel
een 80km meer maar we hebben vlot verkeer en na één tussenstop in
Pforzheim zijn we na 8h30' rijden in Meeuwen-Gruitrode.
Dit
was een vakantie waar Rina en ik enorm van genoten hebben: twee
behouden ritten, een geweldig hotel in een prachtig dal. Wij hebben
zelfs meer dan ons voorziene programma kunnen afwerken, heel veel gewandeld tot boven de
2000m en wij hebben heel veel opzoekingswerk kunnen doen voor de
groepsreis van 2008. Wat wil een mens nog meer.
Stubaital,
Fulpmes, Hotel Stubaierhof tot volgend jaar in juli.
[Naar
boven]
|